Ontstaan van het “Aandachtscentrum”

Ley Vermeeren begon 30 jaar geleden met zijn praktijk als paranormaal genezer. Gestart vanuit zijn toenmalige privé woning met een behandelkamer op de eerste verdieping en de wachtruimte op de gang, liep het al snel tegen de groei aan van zijn praktijk. De wachtruimte werd verplaatst naar de huiskamer, waardoor er voor zijn vrouw het laatste stukje privé werd aangetast.

Na het huren van een andere locatie, werd er een jaar later een pand aangekocht met een Praktijkruimte losstaand van het huis, met een grote van 50 m2. Een zege voor de rust van het gezin. In deze praktijk werd de eerste samenwerking mogelijk gemaakt met een hypnotherapeut die tevens 10 jaar later als eerste therapeut mee naar het aandachtscentrum overstapte. Van hieruit is de groei gestaag doorgegaan, want meerdere collega’s kenden het probleem van de “therapieruimte”.

Het grote voordeel was dat hierdoor ook de cliënten, indien nodig, gemakkelijk doorverwezen konden worden. Je kent de therapeut persoonlijk, je overlegt makkelijker en de patiënten kunnen in hetzelfde pand weer hun (eventuele nieuwe) therapie vervolgen. De in het verleden gebruikte naam “Centrum Alternatieve en Paramedische Geneeswijzen” is door de jaren heen met recht veranderd in “Aandachtscentrum”, de basis waar iedere therapeut in het centrum mee werkt; Aandacht naar de mens die met een hulpvraag verschijnt.

Het “Aandachtscentrum” bestaat nu 17 jaar en is een enorm succes gebleken. De goedkeuringen van de zorgverzekeraars zijn binnen, maar ook de controles door beroepsverenigingen zijn zeer positief verlopen en kregen hun goedkeuringen.

Alle werkkamers voldoen aan de gestelde eisen en de toegankelijkheid (ook naar de eerste verdieping!) is nu voor gehandicapten mogelijk. Er is een gehandicapten toilet gerealiseerd, om te voldoen aan de gestelde eisen van de zorgverzekeraars.

De tijd zal het wijzen. Wanneer de kracht van boven het nodig acht, zal het ons de weg wijzen hoe dit weer te bereiken en de energie om het weer mogelijk te maken… (Ley Vermeeren)